dinsdag 8 maart 2022

Wat een ellende daar in de Oekraïne! Lex kent het land goed, hij moest er in de jaren 90 om de haverklap, wekenlang naar toe. Projecten, gefinancierd door de Wereldbank w.b. duurzaamheid van energieopwekking voor grote centrales en industrie.
Als 'kers op de taart' zijn wij in 1995 met onze kinderen, een vriend van ons, en Lex zijn tolk naar Kiev gevlogen en van daar met de trein naar de Krim. We hebben geslapen in de trein, ik weet nog dat dat heel fijn was, een conducteur kwam s avonds je bed opmaken. De trein was vies behalve die witte lakens. Het potje van Maarten was onze veilige sanitaire voorziening. We hadden gelukkig ons eigen compartiment die we goed konden afsluiten.
Onze tolk, een vrouw van onze leeftijd, had op de Krim onderkomen geregeld, maar dat voldeed niet aan onze 'westerse wensen'. Lex kan heel goed met die lui dus er werd samen met de tolk iets anders geregeld en zo belandden we een week in een huisje van een wasvrouw van het plaatselijke sanatorium, vlakbij zee. Je moet je voorstellen dat de Krim er uit zag als zuid Frankrijk, maar dan zoiets als in de jaren 50, zonder restaurants, geen cafés of leuke winkeltjes.
Met een pan in de tas naar de markt, vlees kopen waar de minste vliegen op zaten. Groente los in je tas. Drie flessen Cava kopen en dan was de winkel leeg. De bergen in voor boter, verkrijgbaar bij een boerderij. Iedere dag verse tomaten en paprika, dat kochten we bij de buren die een tuin hadden.
“s Avonds zwemmen in zee, de algen in zee gaven licht en de sterrenhemel was adembenemend mooi.
Op het strand, zand tussen gezellig betonblokken-mikado, keken de mensen naar ons alsof we een attractie waren, blijkbaar vielen we op tussen de zwaar gebreide zwembroeken en treurige badpakken. Helemaal toen de inhoud van mijn handtas een keer over de grond rolde. Vriendelijke mensen hielpen met het verzamelen van mijn spullen en bestudeerden nieuwsgierig allerlei -voor hun onbekende, maar voor ons simpele- drogisterij artikelen. 
Op de weg terug naar Kiev viel het op dat het leek of je door Frankrijk reed en stond de trein soms lang stil bij een perron. Dan konden we fruit kopen, brood, koffie, limonade en worst. 
Zo stopte er ook een militaire trein naast ons, op weg naar Tsjetsjenië vol met soldaten (ik ging maar even wat anders doen). Lex en onze vriend knoopten een gesprek aan. De militair had een treurige blik en een heel verhaal, geen zin om oorlog te voeren. We gaven hun sigaretten en wensten hun een veilige terugkeer. If the Russians love their children too, een mooi lied van Sting, klinkt in mijn hoofd.   Sterkte mooi Oekraïne!

donderdag 13 januari 2022











Bijna kerstmis. En dan kan het maar zo gebeuren dat oude herinneringen ineens boven komen drijven. Een mens is toch gebouwd op een fundament van historie en die neemt met de jaren alleen maar toe, wat er ook gebeurt. Ik stel me dan echt zo'n huis voor met een kelder waarin je eerste jeugdherinneringen zijn opgeslagen en dan vele kamers; grote lichte kamers waar de zon naar binnen schijnt, waar mensen in en uit lopen, waar je deelt waar anderen mensen ook van kunnen genieten. Maar ook kleine donkere kamertjes waar de deur dicht blijft, waarvan je weet dat daar de minder leuke herinneringen zijn. En kleine zoete warm verlichte kamertjes waarvan de deur ook dicht blijft omdat geen mens er iets mee te maken heeft. Ieder vertrek heeft zijn functie en zijn thema.De tuin daarvan is ook zoiets. Hele mooie stukjes waarin prachtige bloemen zijn komen aanwaaien. En sterke krachtige bomen vol energie, maar ook ergens een afvalhoopje, op een klein stukje achterin waar niemand het ziet. Dat maakt een mens compleet. En dan het dak van het huis die bescherming biedt, waaronder je kunt schuilen, voor jou en je dierbaren. Waarin je je veilig voelt en waar ook andere mensen kunnen schuilen. Van waar je je zorgzame armen uit kunt strekken naar hen die alleen zijn en ondersteuning kunnen gebruiken. Zo dit was mijn kerst toespraak geloof ik, haha! Het rolt er zo maar uit.  Ik was van plan om boodschappen te doen voor de kerst maar het ijzelt. Komt dat even goed uit, kan ik mooi even schrijven. Tweede kerstdag komt de fam. Volgens Peppie en Kokkie mogen we met de kerst vier mensen uitnodigen, maar erna en ervoor twee. Ik ga zo naar de slager, daar mogen om de beurt max vier personen naar binnen, het lingeriezaakje ernaast is gesloten en daar zie ik nooit vier mensen tegelijk in de winkel, was het maar zo'n feest. In de grote drogist ernaast halen mensen kerstcadeaus. Ik ga nu. het regent nog een beetje. Maar de vorst is weg. Fijne kerstdagen! Wees lief voor elkaar, niet alleen met de kerst maar het hele nieuwe jaar.

zaterdag 10 oktober 2020


 

Jan, de man die alles designen kan en ooit een beetje mijn idool was, is zondag overgegaan naar de echt 'witte' wereld. 
Doet me denken aan 'mijn' moment met Jan.
Jaren geleden zou hij van de Boreelkazerne in Deventer een designwinkel maken, zoals hij dat al had in Naarden. Hij zou er ook een design-academie starten. De Boreel werd verbouwd, maar daar kwam de crisis en Jan kwam niet. Echter de academie kwam wel en hij gaf ter promo een gastcollege in het Saxion. Mijn vriendin wilde die opleiding graag volgen en samen zaten we uiteindelijk nieuwsgierig in de collegebanken.
Eerst hield hij een lezing die flink inspireerde, want Jan had charisma en mooie filmbeelden ter illustratie. 
Daarna was zijn college en hij gaf een opdracht: ontwerp een origineel project in een pand in Deventer, de toren aan de Welle. 
Teken een plattegrond en probeer wat sfeertekeningen te maken van je bedoeling. Daarna mochten drie mensen hun project presenteren. 
Iedereen zat een uurtje te schetsen en te ontwerpen, want ze wilden allen de opleiding volgen en natuurlijk indruk maken bij de 'master'.
De eerste twee ontwerpers toonden hun project, een horeca en een medische praktijk. Eigenlijk had iedereen zoiets.
Jan vroeg: wie heeft een origineler project? Ik stak mijn vinger op en vertelde dat ik een wellness bedacht had met zwembad en sauna. Ik mocht naar voren komen, mijn tekeningen werden onder een beamer gelegd en geprojecteerd. Ik hield mijn presentatie. Jan stond naast me te luisteren, klein mannetje, karakteristiek één hand onder een elleboog en de ander onder zijn kin en keek me aan. Even voelde ik me zweven, was ik dat echt die mijn ontwerp aan deze grote man mocht tonen?
Hij maakte zelfs complimenten: dat ik een goed ontwerp had. Iemand uit de zaal merkte op dat een zwembad helemaal niet kon in de toren aan de Welle, waarop hij zei: Hoho, alles kan, het is belangrijk om 'out of the box' te denken. "Iedere mogelijkheid is altijd in iedere ruimte te realiseren," zei hij. Hij zei ook: dat ik goede perspectieven kon tekenen en goed ruimtelijk inzicht had. Ik geloof dat ik in het dak hing van trots.
Uiteindelijk heeft mijn vriendin de opleiding gedaan en succesvol afgemaakt. Jan nooit gezien daar, behalve bij de diplomauitreiking. 
Zij is verder gegaan in interieurdesign, met veel succes. Het was een college om nooit te vergeten. Jan des Bouvrie, wat een bijzonder inspirerende man.

donderdag 31 oktober 2019



Stekkerjunk.
Beng! Klap ...over. De potten met gras uit de Intratuin vlogen door de auto. Ik zal je mijn vloekwoorden besparen maar het klonk aardig lomp voor mijn doen. En dan zo ineens zit je in een kop- en staartbotsing. Ik was de staart en twee auto's verderop de kop. Ik zag TE LAAT dat er voor mij geremd werd. Bovendien wilde ik niet te hard remmen vanwege een dikke auto vlak achter me die zich dan in mijn kofferbak zou boren.
En waarom zag ik te laat dat er geremd werd? Juist, ik zat OP MIJN TELEFOON te kijken... De file voor het stoplicht was TE saai om niet even snel een blik te werpen. En bovendien werd er langzaam gereden, dus dat kon best, vond ik... niet dus.
Ik keek naast me en ik zag politie. "Kunt u allen nog rijden? Ga dan even die zijstraat in" riep ze. 
Nadat we geparkeerd hadden, speelden de twee chauffeurs en ik even heel beleefd de rol van 'slachtofferhulp' maar toen het bleek dat we enkel materiële schade hadden en waarschijnlijk geen traumatische ervaring deelden, begonnen we braaf met ons huiswerk: het invullen van het schade formulier.
Thuis gekomen heb ik 'even Apeldoorn gebeld' en er werd later een afspraak gemaakt met het schadebedrijf die mijn koets weer zou oplappen. Dit was een maand geleden.
Dinsdag kon ik mijn auto brengen en er stond een vervangende auto klaar. "Alstublieft mevrouw, de sleutels, ik loop even met u mee, het is een elektrische auto". "O leuk" zei ik, "hoe ver kan ik daar mee rijden?" "100 km zei de man." "Huh? en wat moet ik na de 100 km?"
"Opladen!" zei hij doodleuk, maar zijn collega voegde toe: nee joh, je kan ook nog 140 km met benzine. De heren keken me wat onzeker aan. "Hoe ver moet u?"
Ik moest naar opa en nog wat andere dingen, er zou een file kunnen staan dus ik gokte: 200 km? ... of ik in een automaat kon rijden, nou dat lukte me gelukkig wel. 
"Dit hadden we even moeten overleggen misschien", mompelden de mannen. "Als het niet lukt moet u even bellen mevrouw, dan gaan we een oplossing zoeken."
Stiekem vond ik het wel spannend, ik zou wel zien met die stekkers enzo. Ik mocht achter het stuur plaats nemen in een soort cockpit en de man legde uit hoe ik moest starten, ontgrendelen en pedalen bedienen. Verder drukte, draaide en swipte hij wat heen en weer over knoppen en touchscreens, maar dat kon ik niet zo snel volgen. "Gebruiksaanwijzing ligt in het dachboard kastje!" prima joh ik kom er wel uit.
Hij wenste me veel succes en verliet de cockpit aan zijn zijde.
Het viel me op dat het doodstil was terwijl de auto 'aan' stond. Voorzichtig drukte ik het gaspedaal naar beneden en daar zoefde ik weg. Giechelend dacht ik aan enkele vriendinnen die hier stapelgek van zouden worden. Als ik het gas los liet, remde de auto. Uitrollen was geen optie. Gek gevoel, gekke auto. Gelukkig stond met koeienletters op de flanken geschreven dat de auto niet van mij was, want ik reed voor mijn gevoel in een belasting- en in een milieudelict. Iets waar de doorsnee Tesla chauffeur vast geen last van heeft geloof ik.
De volgende dag mocht ik dan verder rijden dan een ommetje. De auto rijdt echt heerlijk, zoeft smooth over het wegdek, maar al gauw zag ik mijn accu leeglopen dus kleefde ik met 90 zuinig achter een vrachtwagen. Ik kon toch makkelijk 100 km rijden? Maar al gauw ontdekte ik dat het sterk afhangt van je rijstijl. Bovendien is ie totaal niet aërodynamisch gebouwd en is ie zwaar. Op een gegeven moment was de accu bijna leeg. Ik wou dat opa een laadpaal in de straat had, want de stekker reikte niet tot zijn stopcontact en je moet een speciale verlengkabel hebben. Wat een probleem. In het dorp was ook al geen paal te vinden. Ik kan wel met benzine verder, maar dat wordt slurpen. 
Thuisgekomen heb ik hem meteen aangesloten, dat kan gelukkig hier makkelijk, maar wat moeten de mensen die in de stad wonen? Je kan niet zo maar kabels uitleggen over de straat. Er zal worden gevochten om een stopcontact bij een paal, je bent alleen nog maar bezig met het stillen van je stroomhonger! Ik ben benieuwd hoe dit opgelost wordt. Morgen mijn eigen wagentje weer terug en dan ben ik voorlopig verlost van mijn korte vervelende stroomverslaving.

maandag 30 september 2019


Leeftijd overpeinzing.

Ik was jarig, we hebben heerlijk gegeten in een restaurant en dan blik je (bij voorkeur ‘s nachts) even in stilte terug op de momenten die je leven getekend hebben, die momenten stapelen zich naar mate je ouder wordt op natuurlijk. 
Qua leeftijd zit ik gelukkig nog net in een periode die ‘in between’ lijkt te zijn en daarmee bedoel ik: vroeger toen ik klein was, was ik te jong voor bepaalde dingen en ooit komt er een periode dat ik te oud wordt, maar zo ver is het nog lang niet. 
Leeftijd is leef tijd, tijd om te leven. Maar hoe bizar is het eigenlijk om dat te tellen en te meten door middel van een optelsom van wentelingen om de zon. Want zo tellen we de jaren, door middel van wentelingen om de zon. 
Stel; er waren geen wentelingen om een zon. De leef tijd is een tijdspanne van a tot b en het tellen der jaren is een fictie. Dan is er geen tijd meer en dan is ‘tijd’ geen bestaand begrip.
Toch zal er een vorm van ontwikkeling zijn, maar die spanne krijgt een ander beschrijving. 
Ik bedoel: Sommige mensen leven intens en in hun leven gebeurt veel: verschillende relaties, werk en verschil van bezigheden. In hun leven gebeurt zo veel dat je hun leven met gemak zou kunnen uitsmeren over meerdere levens.
Er zijn ook mensen bij wie het rustiger aan toe gaat. Die leven min of meer minder bewust en/of minder intens. Hun leven ‘kabbelt’. Dat leven zou je kunnen comprimeren tot de helft of een derde van het leven van een persoon die intens leeft.
Zo kan je dus niet zeggen of iemand oud is of jong. 
Als iemand op hoog bejaarde leeftijd sterft die ‘niets’ heeft meegemaakt, kan je dan zeggen dat die persoon oud is?
Als iemand sterft die nog volop in het leven staat, en zeer intens heeft geleefd... dan was die persoon in weze ‘oud’...
Waarschijnlijk herken je personen om je heen (of jij zelf) die ergens passen in deze beschrijving, maar toch mag je mensen / jezelf er niet op beoordelen. Je kan niet zeker weten of iemand zus is of zo. 
Iemand kan ogenschijnlijk heel rustig lijken maar in stilte diepzinnig zijn. 
Iemand kan ogenschijnlijk zeer intens leven maar toch oppervlakkig zijn...dus leeftijd is een relatief begrip.

donderdag 29 augustus 2019















Spontaan gesprek met de visboer.
'Sta je alleen vandaag? Waar is je hulp' vroeg ik. 
'Die komt niet, haar schoonzus is vannacht plotseling overleden, 48 jaar, longembolie.' 
'Oh wat een drama', antwoordde ik, 'gecondoleerd!'
'Ik heb vandaag een rotdag mevrouw, ik stond om drie uur vanochtend op, mijn elektronica deed het niet, ik moest op bestelling 60 tongetjes fileren, 40 haringen schonen, maar dat lukte dus niet zonder mijn maatje. De klant werd pissig en schold tegen me. Ik kreeg het vandaag niet voor elkaar, echt, dat zijn dagen dan heb ik een hekel aan mijn werk... 
Ik zei troostend: "maar zo'n drama overstijgt toch alles..." Toen begon hij te vertellen, hij leunde over de toonbank, er stonden veel klanten maar hij nam zijn tijd: 
"mijn moeder van 86 had 16 kinderen, twee ervan zijn overleden, allebei verongelukt. Mijn ouders waren diep gelovige mensen. Op een dag belde ze me op, midden op de dag, ik was ant werk. Ze schreeuwde het uit door de telefoon: arm uit de kom. Ik liet alles vallen, klep dicht, aankoppelen en naar huis, direct met haar naar het ziekenhuis. De arts zei ga maar even op de gang, het doet nogal zeer. Waarom geef je haar geen roesje, vroeg ik. Doen we, werd gezegd. Even later mocht ik erbij en zag bloed lopen op het bed. "Sorry meneer, ze heeft een slagaderlijke bloeding gehad in haar hals." Ze hadden zo hard aan haar arm getrokken dat haar ader lek gesprongen was. Ze heeft nog drie dagen geleefd, en op haar sterfbed zei mijn moeder tegen ons: 'geloof in de heer, maar leef!' Toen blies ze haar laatste adem uit en mijn broers en ik begonnen spontaan te zingen. Terwijl we zongen zag ik haar gezicht 40 jaar jonger worden... 40 jaar mevrouw, we hebben haar witte kleren aangedaan en zo is ze begraven. Zeven jaar later zei mijn vader net voor hij stierf: 'geloof in de heer, maar leef!' tijdens de begrafenis in de kerk -wij zingen nooit in de kerk- werd spontaan gezongen door mij en mijn broers. Mevrouw sommige dingen begrijp je niet, want ik voel mijn moeder iedere dag bij me. En ze is gelukkig. gelukkiger dan ooit." Hij keek me aan met een warme glans in zijn ogen...
Inmiddels was mijn visje gebakken en nam ik afscheid, ondanks alle tegenslag en het drama, wenste ik hem een mooie dag en dankte hem voor zijn bijzondere verhaal, die ik even moest verwerken...

donderdag 2 augustus 2018













1 juli 2018 ‘Schiet nou is op! Jullie staan daar maar dom te lullen!’ krijst de rood aangelopen vrouw haar frustratie naar ons toe.
Even goedkoop tanken in Luxemburg. Voor je het weet ben je een fuik ingereden waar niemand meer uitkomt. Tig pompen op een rij en éen betaalterminal in de volle zon die gedeeld moet worden met een horde mensen. Allemaal Nederlanders die een tientje willen besparen, niet wetend dat het meer dan een uur gaat duren, omdat iemand vóor ons in de rij een typfout maakte en daarmee het hele systeem opblies. De tank was onbruikbaar. Help! Maar hulp was er niet. Één overspannen kassière die me bijna huilend mededeelde dat ze er helemaal alleen zat. Gelukkig kon ze iemand bellen, maar voor dat díe er was... We hielpen de man voor ons om nog eens dit of dat te proberen, maar het systeem bleef falen. Gelukkig konden we er om lachen omdat wij nog humor hadden en een beetje in de tank, maar van achteruit de rij kwam iemand met stoom uit de oren...


24 juni 2018 Groetjes van Tabbert...
Hij lachte breeduit toen we afgelopen vrijdag weer naast hem kwamen staan.
Hij was in een jaar ineens ouder geworden, een jasje uitgedaan. Al gauw leunde hij lichtjes comfortabel met zijn armen over zijn enorme windscherm van acht meter lang. Achter hem zijn reuze Tabbert Puccini 655e van tachtigduizend euro. Nu na jaren merkten we dat hij gewoon sympathiek is en eigenlijk ook heel belangstellend naar ons.
Best een aardige man, al is hij een type over wie de verbeelding spreekt en dus een makkelijke prooi voor een karikatuur.
Hij staat hier zes weken met zijn min of meer introverte vrouw. Toen ik vroeg of het goed gaat met hen en met hun gezondheid, keek hij me aan, wachtte even en in dat moment ‘hoorde’ ik genoeg waarna ik een leukere vraag stelde. We zijn benieuwd hoe lang ze hier nog kunnen komen, laat ze maar lekker genieten, ik zal hem niet meer plagen.
We zien ze vaker, aandoenlijke oude stelletjes met hun vintage antieke caravans al dan niet met doorgehangen voortent. Kamperen is iets wat ze altijd gedaan hebben. Vroeger met de kinderen en daarna met de kleinkinderen, altijd hier.
Mensen met tradities, waarbij soms de verveling zou kunnen toeslaan, maar ik zie ze genieten, zolang het duurt en zolang het nog kan...
Ze doen weinig, ze zitten en kijken naar de zee of naar het uitzicht of lezen een krant of een boek.
De bejaarde-light vrouwen lopen- en liggen nog steeds topless met hun ooit zo mooie jonge lijf, nu alleen nog maar mooi. Het mag, zij hebben immers die privilege verworven, zich vrijgevochten uit de preutse tijd. Respect en dat verdienen- en krijgen ze.















20 juni 2018 Op het strand.
Hoe komt het toch, dat als je op een half leeg strand zit, een echtpaar besluit om op anderhalve meter afstand naast je te gaan zitten.
Ze zijn rond de veertig, ‘flink’ zal ik maar zeggen en ze hebben een bolderkar bij zich met een ruim assortiment strandbenodigdheden. 
Ze hebben al een flinke wandeling achter de rug en ze zien er verhit uit. Zij geeft hem zwijgend de spullen aan. Een bed en nog een bed, hij klapt ze uit en zet ze neer. 
Dan komt er een grote parasolschroef die hij tussen de twee bedden in het zand draait. Ze kijkt hoe hij dat doet en geeft hem even later de parasol aan die hij in de schroef schuift en hem voorzichtig opent. Helaas staat zij iets te dicht bij haar waarneming en controle en een parasolpunt raakt bijna haar haar. Verschrikt kijkt hij haar verontschuldigend aan, welke zij beantwoordt met een dodelijke blik.
Het resultaat is niet wat ze gewenst had, want de schaduw blijkt niet over de bedden te vallen maar elders op het hete zand.
Ik zou zeggen, schuif je de bedjes een eindje op, maar nee de parasol en de schroef moeten er weer uit en zij wijst aan waar hij bij de tweede poging ingedraaid moet worden.
Weer zit ze bijna met haar snufferd in de punten toen het doek uitgevouwen werd, en weer die blik.
Daarna schuift hij hem te hoog, daarna te laag maar uiteindelijk lijkt het oké.
Mijn geloer wordt opgemerkt en ook ik krijg een blik van haar, waarbij ik het gevoel krijg dat ‘irritatie’ haar standaard emotie is.
Ik draai me om naar de zee als ze op het bedje gaat liggen met het voeteneind naar ons toe gericht. Verder uitleg daarover laat ik aan je verbeelding over...of niet.










15 juni 2018 Le Camargue
Eén van de eerste keren dat ik een film zag, was in de tweede klas van de lagere school. Het ging over een armoedig jongetje die met zijn opa in de Camargue woonde. Hij leerde een wilde witte hengst temmen. Omdat het zo’n bijzonder paard was, wilde 
‘boeven’ het paard van hem hebben, doch het paard was wild en dus van niemand, maar het paard en het jongetje waren inmiddels onafscheidelijk. De boeven joegen het paard en het jongetje op, maar lieten zich niet onderwerpen en dreven beiden de zee in tot de dood erop volgde....
Ik sliep er een week niet van, steeds herhaalden zich de beelden van het jongetje die vastgebonden aan het paard door het moeras werd gesleept. Vreselijk. Een jaar later werd de film weer vertoond en wilde ik het niet zien en mocht alleen in het klaslokaal tekenen, wachtend tot de film klaar was.
Zo wist ik ook dat Saintes Marie de la Mer een bijzondere plek was, Maria Magdalena was er ooit met haar zus aan land gekomen, bootvluchtelingen avant la lettre ... en het was een toevluchtsoord voor zigeuners. Mijn fantasie sloeg op hol, flamenco, gitaarmuziek, paarden, stierenvechten, etc.
Ik wilde de Camargue altijd een keer zien en dat is nu gebeurd.
Vandaag gingen we er naar toe maar de tand des tijds heeft het veranderd. Rond het beroemde kerkje werden we belaagd door zigeunervrouwen die me ongevraagd een Jezus speldje opprikten voor vijf euro. Daarvoor werd ik wel vele malen heilig verklaard en grepen ze keer op keer mijn hand die ze wilden lezen. Dom, want ik ‘lees’ zelf en dat hadden ze kunnen weten als ze spiritueel genoeg waren. Ik vond het wel vermakelijk.
Tegenover de stierenvechtarena dronken we een biertje en vermaakten we ons met volk wat stond te dringen om binnen te komen. Het vee wat aan de andere kant werd aangevoerd had er duidelijk minder zin in. En er was ook kermis, kortom een gekkenhuis daar, de Camargue is en blijft bijzonder, maar inmiddels helaas overspoeld door alles wat het kwetsbare gebied bedreigt.
We hebben wel genoten van de roze flamingo’s, kuddes witte paarden, zwarte stieren en de prachtige natuur met het bijzondere licht. De volgende dagen gaan we nog naar Nimes en Arles. Liefs en groetjes uit Crespian.
foto van Margot van Markwijk.
12 juni 2018 De ‘intellectuelen’.
Waarschijnlijk was ze heel vriendelijk, handig, snel en goed in haar werk. Zij was goed in wat ze deed. Zij kon wat zij deed beter dan een ander, zij was misschien wel de beste. En daarom mocht zij, uitgerekend zij, een nieuwe collega inwerken. Zij keek hoe die ander stond te stuntelen, na te denken en weer op de verkeerde toetsen typte. Ze zuchtte er nogmaals bij. Ze had waarschijnlijk al tien keer uitgelegd hoe het moest en nou wist die domme nieuwe het weer niet, nog steeds niet. Nogmaals deed ze het voor, hoe moeilijk kon het zijn.
Ze zuchtte nogmaals duidelijk hoorbaar en sloeg haar ogen opzichtig ten hemel, zich waarschijnlijk niet beseffend hoe kleinerend en frustrerend haar gedrag was. De ogen van de nieuwe collega kruisten hulpzoekend de mijne, ondertekend met een verontschuldigende glimlach. ‘Bon courage’ zei ik vriendelijk, ofwel: ‘sterkte gewenst’, terwijl ik afrekende bij de kassa van een Belgisch tankstation.

woensdag 30 mei 2018


7 mei 2018 Vanmorgen heb ik een poesje dood gereden. Een klap tegen de auto en een blik in mijn spiegel... Ik zag dat ze nog tolde voor ze midden op de weg bleef liggen. Ik stopte, stapte uit en zag dat ze nog éen keer haar kopje oprichtte om me aan te kijken. Daarna lag ze languit op de weg, uiterlijk ongeschonden. Ik legde mijn hand op haar en ik voelde dat ze dood was. Voorzichtig pakte ik haar op en legde haar in de berm. Ik liep naar de boerderij. Twee grote honden liepen nieuwsgierig op me af en... zag ik het goed? Hun blik werd triest en zacht, ze begrepen!
De man verscheen en ik vroeg of ze een rood poesje hadden met een halsbandje. 'Nee hè...' zei hij. 'Sorry' stamelde ik, maar hij vond het fijn dat ik respect toonde. Samen hebben we het dode beest opgepakt. De vrouw verscheen en begon heel hard te huilen 'Neee' zei ze, 'nièt nèt deze! Ze was zo leuk!' Het poesje was net een jaar en krols... aaach zo verdrietig! De poes op de foto lijkt er een beetje op....

woensdag 16 mei 2018


9 mei 2018  Handbagage. 
Ooit moest ik tientjes bijbetalen want mijn handbagage koffertje paste niet in een 'maat-mandje' van RyanAir of Easyjet: hij was iets te dik, iets te breed maar veel minder lang. Het volume zou hetzelfde moeten zijn, maar ik zag het ding niet meer terug want het moest in de vracht.
Dat overkomt me niet nogmaals dus meet en weeg ik voor het inpakken mijn bagage en lees zorgvuldig de instructies op de vlieg-site. Shampoo, crèmespoeling en dat soort dingen gaan voor de helft gevuld in doorzichtige navul flesjes van de Hema en in doorzichtige zakjes. Een minihaarlakspuitbusje vergat ik eraan toe te voegen en ik werd bestraffend toegesproken door de Nederlandse Veiligheidsdienst op het vliegveld.
Een riem draag ik niet meer tijdens de vlucht, mijn schoenen zijn 'gesp-loos' en ik stop een kleine lege handtas in mijn koffertje, mij kan niks gebeuren. Mijn armbanden kunnen af, een horloge draag ik nooit en als ik mijn ringen ook af zou moeten doen, moeten ze mijn vingers afhakken.
Het kan zo maar zo zijn dat je staat te boarden en je in de rij toch een label om je koffertje krijgt. Vervolgens pakken ze je koffertje af, vlak voor je in de buis stapt en zie je die niet meer terug, je kan nog net je bril, portemonnee, telefoon en IPad eruit grissen...heel onhandig!
Lex was zo brutaal om zijn label er direct weer af te rukken, waar hij bij het instappen een vraag over kreeg, maar hij mompelde iets over 'priority-laptop-&-equipment' en mocht zijn koffer behouden, wat als gevolg had dat mede reisgenoten verontwaardigd reageerden.
Nu had ik dus een handtas in het koffertje gestopt en kon voor het afgeven daarvan mijn tas nog even gauw vullen met 'on-board-bagage'.
Op de terugreis werd mijn koffertje niet eens meer bekeken, gewogen of gecheckt, geen vloeistoffen gezeur, alles direct het ruim in.
Priority bijkopen zodat je je handbagage mag behouden heeft vaak ook al geen zin, want als heel veel mensen Priority hebben gaat alsnog de bezem erdoor. Er is boven gewoon te weinig bagageruimte voor al die koffertjes op korte vluchten. Een goed systeem waarbij je weet waar je aan toe bent, heb ik nog niet ontdekt en iedere keer als je vliegt gelden weer andere regels.
Als het even kan is autorijden toch veel relaxter....

woensdag 2 mei 2018


1 mei 2018 Op vakantie met vriendinnen.
Alhoewel de koningsdag een dag is om gezellig feest te vieren, was het voor ons, drie vriendinnen, een rede om drie dagen in het buitenland te zijn. Omdat één van ons vanaf een ander continent moest komen en het verblijf ergens in Europa moest plaatsvinden waar het leuk is, kwam dat logistiek-technisch-gezien het beste uit als we met RyanAir vanuit Weeze zouden vertrekken naar Beziers, Cote de Roussillon - Frankrijk. 
We hadden een appartement in Perpignan geboekt waar we half in de stad zouden zijn en de historie en de cultuur konden opsnuiven -evenals de plaatselijke horeca- en daarnaast ook van de zee en de natuur konden genieten. We hadden een auto gehuurd en dat was heerlijk.
Vanuit vliegveld Beziers naar Perpignan is het een uurtje rijden, maar het leek wel de helft van de tijd want we zaten tijdens de rit al flink bij te praten. Het eerste wat opvalt als je na twee uur vliegen landt in het o zo geliefde Zuid Frankrijk is: 'het licht'. Wat heb ik dat gemist! Alsof je een half jaar onder een tegel hebt gelegen, zo fel is de zon. Ik zei tegen mijn vriendinnen dat ik moest denken aan een liedje: 'misschien ben ik te laat geboren, of in een land met ander licht, ik voel me altijd wat verloren, al toont de spiegel mijn gezicht', etc...
Ik hoef nooit een seconde te wennen, ik voel direct: ik ben thuis, wat is de kleur van de aarde mooi, wat ruikt het hier lekker, wat zijn de 'pins-parasols'- en de cipressen en de cederbomen mooi. Ik kan wel huilen! Straks als we 'thuis' zijn, even naar de bakker, er is er vast wel één om de hoek, in welke bistro komen we straks terecht voor een menu met een 'pichet rosé', of een 'bière pression'. 
Nadat we ons snel geïnstalleerd hadden, trokken we de de oude smalle straatjes van de binnenstad in, waar we in een klein winkeltje iets kochten en de verkoopster vroegen waar je in de buurt goed kon eten. Zo lief en vriendelijk hadden we een gesprek met haar. Ze gaf ons wat adressen, o.a. voor een goed restaurant waar je uitstekend rauw paardenvlees kon eten... Nou er zijn dagen waarbij ik daar niet meteen als eerste aan denk. Of waar je na het eten fijn kan dansen! 'Dat is toch meer voor de jeugd?' probeerden we te vissen... Oh nee, zei ze tactisch; 'daar komen ook dertigplussers'.
Eerst maar eens een 'pastis' op een terras. Daarna hebben we lekker gegeten, vers gebakken inktvisringetjes en dan niet van die rubber opblaasboten maar vers en delicaat, gegratineerde mosselen, ansjovis op gegrilde paprika en als hoofdgerecht zo veel meer lekkere dingen. Als dessert: profiterolles (soort kleine soesjes, maar deze waren pffff zo groot) en meringue-au-citron. Zoek e.v.t. maar even op, heerlijk!
De volgende dag, zaterdag, scheen de zon uitbundig en zijn we vroeg naar zee gegaan om te wandelen en koffie te drinken. Ook daar hebben we weer zo vriendelijk gesproken met de franse ober. Het is immers geen seizoen dus iedereen heeft alle tijd. 
Het kustplaatsje stelde niks voor, een kleine vakantie nederzetting met een souvenir winkel, een bar, een restaurant en een marktje van niks, enkele kraampjes met localen maar god wat een super voedsel, zo puur en het rook er heerlijk naar verse groente en fruit zo van het land, 'un poulet roti' -een soort kippen-gril-automaat-, 'les saucissons secs' -droge worst- , olijven, olie ennnn... aardbeien van een goddelijke kwaliteit, zo zoet en zo geurig heb ik ze lang niet meer gehad. 
Het viel ons op dat iedereen zo relaxed is, ook in het verkeer en op straat. Daarna besloten we naar het stadje Collioure te gaan bij de Spaanse grens. Het was lang geleden dat ik daar geweest ben en het was een feest om daar te zijn! Ook daar hebben we weer heerlijk gegeten en door de oude stad en de haven gelopen, langs de kade en de boulevard.
's Avonds wilden we thuis een wijntje open maken voor bij een salade, brood en kaas. Maar wat een gedoe zonder kurkentrekker! Het werd een complete witte wijndouche en toen we later op de avond een rode openmaakte onttrok zich hetzelfde 'drama' waar we wel enorm van de slappe lach hebben gekregen. De rode spetters zaten bijna tot het plafond, dus de keukenmuur moest snel met schuurspons en wc reiniger gepoetst worden, ook dat ging met pijn in de buik van het lachen.
De volgende dag, zondag, zaten wij, de drie meisjes al braaf om half tien in de 'Cathedrale Saint Jean Baptiste de Perpignan' om de mis bij te wonen, die op de automatische piloot werd voorgedragen door een onverstaanbare pastoor en twee misdienaartjes van zo'n zes en elf jaar, waarvan de oudste veel te ambitieus bijna de pastoor op komische wijze op een zijspoor zette. De knul had duidelijk ook de leiding over de jongste die op een gegeven moment geen zin meer had en zich probeerde te verstoppen. Doch dat durfde hij zich niet helemaal te permitteren en kwam schoorvoetend weer te voorschijn waarbij hij op zijn kop kreeg van zijn oudere 'vriend'. Al met al een bijzonder grappige voorstelling. Evenals de families in de kerkbanken waarbij de kinderen zich stierlijk zaten te vervelen en er meppen werden uitgedeeld of kleintjes die aan de arm van de ouder naar buiten werden gesleept en voor mijn gevoel tussen de bedelaars werden gegooid om af te koelen.
's Middags zijn we de stad ingegaan en een oud- niet meer in gebruik zijnde hotel bezocht. Hotel Pams met een indrukwekkend art-niveau interieur. Het hotel was een soort museum op zich, een bijzonder gedecoreerde grote hal met statige trappen, een prachtig onderhouden binnentuin en met een beetje fantasie zag je de rijk geklede welgestelde gasten uit het begin van de vorige eeuw door de ruimtes schrijden.
De enige suppoost die er was verveelde zich en was nodig toe aan een gesprek. We vroegen hem iets over de historie en daar ging hij los. De hele Europese politiek kwam langs. Een gesprek die al moeilijk is in het Nederlands, ik moet zeggen, een deel begrepen we niet helemaal maar toch was het boeiend om over de cultuurverschillen te praten tussen Frankrijk en zijn gebied: de Catalanen en de noordelijke landen. Hij was het zat, het eeuwige verschil tussen rijk en arm, links en rechts... nee de noordelijke landen waren veel meer gelijkmatig en sociaal: wees maar blij zei hij uiteindelijk; jullie hebben prachtige tulpen! Ja, zeiden wij: en jullie 'het licht'. 'Licht'? Het was hem nog niet opgevallen... Het regende die zondagmiddag en voor het echte onweer losbarstte doken we de kroeg in.
De volgende dag, maandag was het tijd om de koffers te pakken. We vlogen pas om vijf uur en we konden nog net heerlijk lunchen aan zee. Eén van ons had mooie herinneringen aan Sète, niet ver van Beziers. Ik had ook herinneringen, vooral aan de plaatselijke industrie. Zij niet, dus waarschijnlijk had ik iets gemist waardoor ik nieuwsgierig werd. Het bleek een alleraardigst stadje. Onder de boulevard parkeerden we onze auto en niet veel later zaten we op een zonovergoten terras aan de Kir! 


We deden qua menu niet moeilijk en bestelden alle zes mogelijkheden van het voor- en hoofdgerecht van het handgeschreven schoolbord wat in rap tempo op tafel kwam. En wederom... goddelijk van kwaliteit. Nog even genieten van Zuid Frankrijk, de geur, de zee en 'het licht'.

dinsdag 13 maart 2018


12-03-2018 Feestdagen.
Ik bladerde gedachteloos door wat reclamefolders die in de bus lagen en de zoveelste domme Paashaas staarde mij aan. De winkels liggen al weken lang vol met paaseitjes en je hoort er niet meer bij als je niet ook een versierde tak hebt staan.
Wat doe jij met de Pasen? vraagt iemand... Fijne Paasdagen! Wat eten jullie met de Pasen? Wie komen er met de Pasen? Ongewild leggen we ons weer van alles op: wat doe je aan met de Pasen, gaan we naar de ‘Passion’ kijken op tv, een muziek programma van teleurstellende kwaliteit, uitgevoerd door altijd dezelfde artiesten, sorry: ik krijg jeuk van die mensen.
Waar gaat het over? Ik vraag me al jaren af: wat vieren we eigenlijk? En niet alleen met Pasen maar ook met Pinksteren en de Kerst, de Hemelvaart, allen christelijke feestdagen. Jezus werd op vrijdag aan het kruis gehangen en drie dagen later was het Pasen. Best interessant om eens op te zoeken wat er in feite gebeurde en gevierd wordt en waarom Goede Vrijdag zo heet, wat is ‘opstaan uit de dood’, wat wordt daarmee bedoeld? Ik ga dat hier niet uitleggen, dat kan je allemaal zelf opzoeken, maar weet wat je viert, het is immers je eigen cultuur en je eigen historie.
Vroeger vierden wij hier geen Halloween. De katholieken hadden hun Allerheiligen en Allerzielen en Halloween is overgewaaid uit Amerika en is nu een (vreselijk) horror- en verkleedfeest geworden.
Laatst sprak ik met een vriendin over Valentijnsdag, ook iets overgewaaids en wat er vroeger niet was. In Amerika stuurde je iemand die je stiekem bewonderde met Valentijnsdag een kaartje en dat was het dan. Tegenwoordig moet je je lief overladen met cadeaus! Wat doen we onszelf aan, de retail praat je een schuldgevoel aan als je niet meedoet aan die onzin, je gaat bijna geloven dat je moet. Je zou je partner bijna nog zuur aankijken als hij of zij niet aan de verwachting voldoet omdat die wellicht nog in vroeger tijden leeft.
Binnenkort, op één april is het Pasen en ik wil jullie zeggen, doe het rustig aan, je hoeft niks. Geniet gewoon van wat er is en wat je hebt en wie je bent en als je het leuk vindt duik je eens in de historie en wie weet heb je zin om dan bijvoorbeeld naar de kerk te gaan, maar ook dat moet je vooral allemaal zelf weten.
Mag je dan niets meer vieren? Oh ja, vier feest zoveel je wilt, maar verwacht niet zo veel van elkaar en van je zelf.

27-02-2018 Wintersport.
Dit is de eerste winter zonder kinderen in huis. Ze wonen 'een deurtje verderop', niks aan de hand, maar het doet onwillekeurig denken aan de laatste winter zonder kinderen, iets meer dan dertig jaar geleden.
Ik was in blijde verwachting van onze 'creature met mateloze energie' en dat beïnvloedde mij zonder dat ik het me echt bewust was. Tussen kerst en oud en nieuw hadden we vrij en wilden Lex en ik op wintersport om onze laatste vakantie samen te vieren. 
Via een overnachting bij Lex zijn broer in Darmstadt ploegden wij ons dapper op de Duitse autobaan een weg door de sneeuw richting de Vogezen. 
In de Guide de Michelin had ik enkele weken daarvoor een leuk hotel gevonden boven op de berg Le Grand Ballon en in mijn beste Frans gebeld voor een reservering. Eigenlijk waren ze gesloten, maar twee jonge mensen konden ze nog hebben als we met de pot wilden mee eten en niet te veel noten op de zang hadden.
We gingen veel te laat weg bij Lex zijn broer en de route duurde iets langer vanwege de enorme hoeveelheid sneeuw, dus was het al donker toen we onderaan de berg van Le Grand Ballon stonden, bij een bord waarop vermeld stond dat sneeuwkettingen verplicht waren voor de 'Col', maar die moesten nog gekocht worden. 
Even later prutste Lex de kettingen om de bevroren en bemodderde banden terwijl de sneeuwstorm de handen bijna deden bevriezen. Gelukkig ben ik heel goed in het vasthouden van de zaklantaarn en kon ik goed bijschijnen terwijl ik met veel ohh's en ahh's lof zong en aanmoedigde.
De route omhoog tussen de besneeuwde woudreuzen was adembenemend mooi en spannend omdat je niet goed kon zien hoe de weg liep. Er reed niemand, we waren gelukkig de enige op de weg. 
Boven aangekomen hadden ze ons eigenlijk al niet meer verwacht maar we waren welkom. Het hotel leek op een enorme koekoeksklok, de kamers waren gedateerd maar warm en gezellig en wij vroegen of we nog iets konden eten. 'Pas encore mangé??' schrok de dame, en snel werd in de hal, naast het vuur in de enorme haard, waar je makkelijk met een heel gezin in zou kunnen zitten -als dat zou moeten-, een tafeltje gedekt. 
We begonnen met een bord aardappelsoep en daarna nog enkele gangen met zware bergkost. Lex en ik probeerden als twee keurig opgevoede mensen ons bordje telkens goed leeg te eten waarna we amper nog konden zitten en gestrekt, volgepropt en tevreden in bed vielen.
De volgende dag was het schitterend weer en hebben we sleetje gereden en lang gewandeld. 
We hadden amper geld te besteden, we waren zwanger, dus skies huren bewaarden we voor 'als we later groot waren' want waarschijnlijk zou ik skiën heel erg leuk gaan vinden, dus daar kon ik dan maar beter niet aan beginnen.
De ochtend dat we weer naar huis moesten was het bitter koud. Het sneeuwde en het stormde. Ons oude Renaultje Vijf had net iets te lang gestaan en startte niet. Lex zei dat de bougies waarschijnlijk vervangen moesten worden en gelukkig had hij nog een reserve setje. Ik zag hem vanuit mijn hotelkamerraam, gebogen over de geopende motorkap, voor mijn gevoel eindeloos prutsen. Het 'blijf jij maar lekker binnen' hoefde hij niet twee maal te zeggen dus wachtte ik geduldig.
Uiteindelijk kon er worden gestart en Lex kon worden ontdooid terwijl de auto buiten niet geheel klimaat neutraal stond warm te draaien.

Dat is nog eens winterSPORT, vechten tegen de elementen en je warm en gelukkig voelen als je hebt doorstaan en overwonnen.


02-07-2017 
Op de zuid Franse camping. Deel zes, laatste deel. 
Qua buur-gebeuren is het een rustige week geweest. Het vriendelijke Franse echtpaar waren uiterst aangename mensen. Ze stonden er ieder jaar vijf weken, maar vonden dat niet altijd alleen maar leuk. Waar hing dat vanaf vroeg ik, van de buren? Ja dat was zeker zo. De buren die na ons zouden komen maakten ieder jaar weer te veel lawaai. 
Het was ons al meer opgevallen dat het net een dorp is waar velen elkaar weer herkennen van het jaar ervoor en daarvoor.
Met een glimlach zei ik een keer tegen hen dat vakantie gewoon 'keihard werken' is toen ze bij windkracht zes luid zuchtend en steunend een tentje probeerden op te zetten. Hun kinderen zouden komen. Het tentje vatte telkens wind en wilde wegwaaien als een ballon. Ze hebben er een dagdeel over gedaan. Uiteindelijk klonk er een 'bravo' en waren ze erin geslaagd.
De laatste dag heb ik gevraagd of ze al wisten welke eigenaardigheden de Nederlanders hebben, maar daar wisten ze (beleefdheidshalve?) geen antwoord op. 'Is het u nooit opgevallen dat Nederlanders slecht autorijden in het buitenland? Zeker als er een caravan achter hangt?' Ik hoor Lex immers regelmatig mopperen als onze dierbare landgenoten stumperen en sukkelen op de internationale autosnelwegen. 'We gaan er zeker op letten!' antwoordden ze licht verbaasd. Bij ons vertrek werden we allerhartelijkst uitgezwaaid, ook door de Duitse buurvrouw met haar grote kat op de arm. 



03-07-2017 

De camping midden in Frankrijk die volgde voor de overnachting was een saaie Nederlandse ANWB camping met alleen maar Nederlanders. Als een karikatuur werd dat vakantie vierende type, die daar weken lang verbleven, uitvergroot. Bij mij gaat meteen de satire knop om. Verveeld lezen ze met hun rug naar hun steriele caravan een boek. Voor hun neus een mok koffie. Ze zijn direct compleet afgeleid als je je bij aankomst je wilt installeren. Nieuwsgierig veren ze op als je de caravan op de plek neerzet. Gelukkig is Lex daar handig in valt er weinig te kijken, maar wellicht ook dat is te spannend en kan het niet gemist worden. Het zijn uitstekende waakhonden, want ze houden alles in de gaten. Ze lijken op elkaar, want het is het meest onopvallende grijze type die je je kunt voorstellen. Later weet je ook niet meer naast wie je gestaan hebt, of je iemand gesproken hebt of met wie, want ze zijn zo weer uit je geheugen verdwenen, je hebt ze als het ware niet eens gezien. Makkelijk kort grijs haar, onopvallend brilletje, driekwart broek, fleece vestje, makkelijke schoenen, kleurloze kleding, kleurloze mensen. Ze vragen bij de receptie naar wandelroutes of fietsroutes want ze willen 'avontuurlijke' tochtjes maken maar het moet wel voor ze uitgestippeld zijn. Zij kookt in de caravan geurloos eten en eten dat dan zwijgzaam voor hun caravan op en blijven je in de gaten houden, want als er iets 'gebeurt' moet dat even bekeken worden.
Mocht u in dit zojuist omschreven profiel passen, neem het niet te serieus. Satire-light. Ha ha!



26-06-2017 Deel vijf. 
Naast ons staat aan de ene kant een Duitse dame met een Perzische kat, alleen. Bewonderenswaardig. Jarenlang heeft ze met haar man hier gekampeerd, maar nu is hij er niet meer maar gaat ze nog steeds...
Aan de andere kant staat een Frans echtpaar van ongeveer 75 jaar. Een mooi echtpaar, beiden ooit jong en mooi, nu alleen nog mooi. Stijlvol en klassiek.
Nadat hij gisteren geholpen had met het duwen van de caravan herkenden we ze van de eerste keer dat we hier waren in 2013.
Vandaag waaide het als een malle. Lex en ik wilden een windscherm maken van een oude luifel die we nog hadden liggen. Klapperend en flapperend probeerden we het doek dubbelgevouwen ergens tussen te spannen tot ik zei: lex, dit gaat het niet worden. Je staat aan zee en het waait, laat het lekker waaien! Na toch één en ander geprobeerd te hebben, hebben we de zooi maar opgevouwen en weer weggepropt in een luik van de caravan.
De Franse buurman vroeg of het ging met de wind en alles en er ontstond een praatje. 

'Je me souviens... begon ik, 'dat we al eerder buren zijn geweest.' Hij kon het zich niet meer duidelijk herinneren, maar zijn vrouw wel en ze had dat ook al gezegd zei hij. Mijn beste Frans omhoog halend vertelde ik hem dat ik hem toen gevraagd had waarom de oudere Franse dames en heren met hun handen op hun rug voorovergebogen door de branding liepen en af en toe met hun vingers schraapten in het zand. Ik had hem toen gevraagd wat ze zochten, garnalen, krabbetjes of iets anders eetbaars? Hij moest lachen en zijn vrouw heeft mij toen afgeschuurde ronde steentjes en schelpjes laten zien waar dan een spiraaltje in zaten. Ohhh is dat het. Iedere nationaliteit heeft zo zijn eigen aardigheden, Duitsers graven altijd in het zand en bakenen hun plaatsen af, ja dat herkenden zij ook, Engelsen hebben altijd een bijzondere huidskleur (geen) en wij NL hebben ook onze gewoontes... Ik wachtte af... wat hij zou noemen. In de loop van de week wil ik het graag horen! zei ik lachend tegen hem. Ja hij wist nu weer dat ik dat gevraagd had, over de Fransen. Hij vond het ook raar, had hij toen gezegd. Die oudere vrouwen die gebukt lopen (hij deed het even na) en dan vaak nog zonder bovenstukje, dat hangt dan allemaal maar naar beneden... Hij maakte er een gebaar bij en ik vond hem erg grappig. 'Hebben jullie wel eens dat soort steentjes gevonden?' vroeg hij. 'Nee, nooit gevonden maar ook nooit naar gezocht, wij lopen niet gebukt langs de zee'.
26-06-2017
In het kader van... deel vier. 
Ik zit nu met Lex op het terras van het sportcafé F1 te kijken met een biertje. Ze gaan zo starten... Lex zit gemoedelijk te babbelen met andere F1 mannen uit the UK en ik schrijf op mijn IPad. 
Vanochtend zijn we verhuisd. Twee weken op één plek was bij de reservering niet mogelijk, maar wij vonden het geen probleem om halverwege te verhuizen. Van Gunter en zijn vrouw hebben we geen afscheid meer kunnen nemen, zij vertrokken vroeg. Ik zou ook niet weten hoe, gezien zijn basisemotie 'boos en wantrouwen' was. Maar blijkbaar had hij onze opmerking van ooit: 'we like your music' goed onthouden. De laatste dag wilde hij een beetje indruk maken op zijn nieuwe achterburen dus hij had zijn speaker buiten gehangen en was ineens ongevraagd de DJ van de nederzettingen. Ik moet zeggen: zijn smaak was te pruimen, maar wij hebben een aversie tegen alles wat je ongevraagd opgedrongen krijgt. Of dat nou goedkopere providers zijn, energieleveranciers of de hele dag muziek van je buurman, ik wil het niet door mijn strot gedouwd krijgen. Ik zag Gunther nooit iets drinken, maar nu zat hij enorm aan de wijn. De muziek ging harder, zijn vrouw deed af en toe een dans nijging, want ze was allang blij dat hij eindelijk een beetje los kwam. Gelukkig was Gunther een ochtend man, want om elf uur s avonds verdwenen ze inclusief hond en poes de caravan in en was het stil. Een oase van rust.
Verstappen is uitgevallen...
Vanochtend waren we op ons gemak de spullen aan het inpakken, het was zwaarbewolkt dus goed weer voor dat soort klusjes. Het was half elf, bijna klaar, even aan de koffie, komt er een soort Hyacinth om de hoek. In hoog Engels vroeg ze ons wanneer we onze plek dachten te verlaten aangezien je om tien uur van je plek moest zijn. Ze had haar caravan al op straat geparkeerd staan. Ik antwoordde dat we spoedig zouden vertrekken, maar dat je niet eerder op je plek dient te verschijnen dan één uur!'
Op mij neer kijkend zei ze hooghartig: 'I know the rules darling, I come here for twenty years. Take it easy. Don't rush!' 
En toen ontdekte ze Tabbert, oude buren, warme begroeting en streek er neer voor koffie. Tabbert grapte nog over de schutting: 'hup hup, opschieten jullie, haha!' Waarop ik antwoordde: 'Pass auf, als onze nieuwe plek niet vrij is, komen wij ook koffie drinken!' Tabbert lachte vermakelijk. 
En zo verlieten we de plek. Ons nieuwe onderkomen, weer direct aan zee, tussen het riet, met veel privacy en is ook weer goed te doen. 
Hee deze buren kennen we ook uit 2013 toen we hier voor het eerst waren. Wordt vervolgd...